rechtbank

Etiquette in de rechtbank

24 november 2014

Etiquette is van alle tijden. Het zijn omgangsregels die in vele boeken zijn opgetekend (het meest bekend in Nederland is Amy Groskamp-ten Have ‘Hoe hoort het eigenlijk?’) en die regelmatig ook op tv worden uitgelicht. Het betreft daar etiquette om het dagelijks leven gemakkelijker en aangenamer te maken.

Over etiquette in de rechtbank is echter niet zoveel geschreven (helemaal niets?), terwijl wij daar toch regelmatig vragen over krijgen van cliënten: ‘Wat trek ik aan?’, ‘Wanneer mag ik iets zeggen?’ et cetera.

Daarom deze korte etiquetteles voor als je naar de rechtbank moet. We behandelen de onderwerpen aan de hand van vragen.

“Wat trek ik aan?”

Een van de meest gestelde vragen is ‘Wat trek ik aan?’. Als niet-advocaat, mag je in elk geval geen toga dragen, maar welke kleding is dan wel geschikt voor in de rechtbank?

Als hoofdregel kun je stellen, dat het verstandig is om netjes en zakelijk gekleed te gaan. Je gaat immers geen avond stappen en bier drinken.

Tegelijkertijd is het van belang dat je iets aantrekt waar je jezelf lekker in voelt. Een pak aantrekken als man omdat dat ‘moet’ is niet verstandig, net als het aantrekken van een mantelpakje als vrouw. Daarvan word je enkel ongemakkelijker en dat is meestal goed te zien. Ga in dat geval voor een nette spijkerbroek met een overhemd.

Wat is goed?

  • Pak;
  • Mantelpakje;
  • Overhemd;
  • Pantalon;
  • Nette jurk;
  • Spijkerbroek;
  • Gladgeschoren of nette baard.

Wat is niet goed?

  • Petten, hoeden, et cetera;
  • Zonnebrillen (dat is écht niet nodig binnen);
  • Opzichtige sieraden;
  • Onverzorgde kapsels;
  • Korte broeken;
  • Korte rokjes;
  • Shirts met opzichtige prints (wolven, vlammen et cetera);
  • T-shirts;
  • Sportschoenen (maar beter sportschoenen, dan teenslippers);
  • Te veel parfum (iets waar vooral vrouwen zich aan bezondigen).

“Mag ik eten en drinken in de rechtbank?”

In principe zijn er geen regels voor het eten en drinken in een rechtbank, maar je kunt er over het algemeen wel vanuit gaan dat een rechter niet blij is als je gaat eten en drinken in de rechtszaal. Hou het professioneel en serieus.

Ben je bang dat je een droge mond krijgt en niet meer goed kunt spreken, dan neem enkel een flesje water mee.

Wat is goed?

  • Niks;
  • Flesje water.

Wat is niet goed?

  • Etenswaren, van Snickers tot boterhammen;
  • Drank, van wodka tot cola;
  • Overig: van snoepjes tot kauwgom.

“Wat moet ik meenemen en wat mag ik niet meenemen?”

Het is lastig om te zeggen wat je moet meenemen naar een rechtszitting, aangezien dat van zaak tot zaak verschilt. In principe mag je alles meenemen, enkele uitzonderingen daargelaten.

Wat je beter niet kunt meenemen, zijn (onder meer) wapens, want je moet door een metaaldetector wanneer je bij de rechtbank naar binnen wilt. Dat geldt óók indien je slechts een civiele zaak hebt.

Wat is goed?

  • Pen en papier om aantekeningen te maken;
  • Andere documenten die betrekking hebben op de zaak.
  • Persoonlijke bezittingen: telefoon (uitzetten!), sleutels et cetera.

Wat is niet goed?

  • Wapens;
  • Andere onhandige zaken (een cliënt nam ooit een injectiespuit mee: daar krijg je vervelende situaties van…);
  • Erg emotionele familieleden.

“Mag ik roken in de rechtbank?”

Nee. Roken is in een rechtbank verboden en zeer onverstandig, zowel op de gang als in de rechtszaal.

Wil je per se roken, dan doe dat netjes buiten. Rechtbanken hebben meestal een mogelijkheid om ergens overdekt te roken. Zorg er wel voor dat je weer op tijd binnen bent!

“Moet ik opstaan als de rechter binnenkomt?”

Hoewel er mensen zijn die vinden dat opstaan niet hoeft, is het traditie en hoor je dat dus wel te doen. Met het opstaan, wordt het gezag van de rechter uitgedrukt.

Overigens komt het zeer regelmatig voor dat de rechter de partijen naar binnen laat roepen, terwijl hij zelf al zit. In dat geval hoeft er uiteraard niet opgestaan te worden.

“Moet ik mezelf voorstellen?”

Even handen schudden met de wederpartij komt regelmatig voor, meestal al voor de rechtszitting op de gang. Zijn de verhoudingen met de wederpartij zozeer gebrouilleerd dat je geen hand wil geven, dan hoeft dat niet.

Heb je een jurist meegenomen, dan is het niet ongebruikelijk dat hij wel even handen schudt met de wederpartij. Het kan dus ook zo zijn dat de jurist van de wederpartij jou een hand komt geven.

Veel mensen willen het nog wel eens té goed doen en geven dan uit fatsoen de rechter en griffier een hand ter kennismaking. Dat is niet gebruikelijk, dus kan beter achterwege blijven. De rechter begint de rechtszitting sowieso met te inventariseren wie aanwezig zijn, dus het wordt wel duidelijk wie je bent.

“Wanneer mag ik spreken?”

In principe hoef je bij een rechtszaak slechts te spreken, indien erom wordt gevraagd door de rechter. Meestal zal een jurist het juridisch inhoudelijke voor zijn rekening nemen en word je enkel nog gevraagd door de rechter om wat toelichting te geven. Op dat moment mag je spreken. Verder is het verstandig om je jurist het woord te laten doen.

Misschien nog belangrijker is de vraag: ‘Wanneer mag ik niet spreken?’, want dat gaat vaker fout. Je mag niet spreken op het moment dat iemand anders aan het woord is, al ben je het er totaal niet mee eens en al vertelt de wederpartij de grootste leugens. Hou je stil (ook geen gezucht, gekreun, gebarentaal of andere storende handelingen) en doe je verhaal pas zodra je het woord krijgt, anders zal de rechter je terecht wijzen.

Zodra je dan het woord krijgt, probeer je duidelijk aan te geven wat je wilt zeggen, zonder dat je je in slechte bewoordingen uitlaat over de tegenpartij. Je mag wel zeggen: “Het is totaal onjuist wat hij zegt want……”, maar niet “U moet die rotte vis niet geloven, ze bedriegt haar eigen moeder nog!”. Geen persoonlijke aanvallen dus.

“Hoe spreek ik de rechter, griffier en jurist van de tegenpartij aan?”

De rechter kan worden aangesproken met edelachtbare. Tegenwoordig is het gebruik van ‘edelachtbare’ echter op zijn retour en wordt vaker gebruik gemaakt van meneer de rechter of mevrouw de rechter.

De griffier hoeft in principe niet aangesproken te worden omdat hij enkel bijhoudt wat er gebeurt op de zitting. Mocht je hem toch willen aanspreken, dan heeft hij dezelfde titulatuur als het college waar hij deel van uitmaakt, dus dan is edelachtbare of meneer/mevrouw de griffier correct.

De jurist van de tegenpartij wordt gewoon aangesproken met meneer/mevrouw of met meneer/mevrouw [achternaam].

Uiteraard worden zowel rechter, griffier en jurist aangesproken met ‘u’ en niet met ‘jij’. Het gebeurt schrikbarend vaak dat mensen de rechter met ‘jij’ aanspreken. Fout: jullie hebben immers niet met elkaar geknikkerd.

“Wat is verder nog van belang?”

Mensen vragen nooit: “Moet ik op tijd zijn?”, maar dat gaat wel vaak mis. Hou er rekening mee dat er files zijn en dat het openbaar vervoer van nature onbetrouwbaar is. Bouw een zekerheidsmarge in. Denk er ook aan dat arriveren bij de deur van de rechtbank nog niet betekent dat je al binnen zit: je moet nog eerst door de beveiliging en langs de centrale balie. Hou er rekening mee dat het ook daar druk kan zijn.

Zet je mobiele telefoon uit of op stil. Weersta de verleiding om het apparaat steeds te controleren, want dat helpt je zaak zeker niet. Moet de telefoon om uitzonderlijke omstandigheden aan blijven staan (er ligt iemand op sterven of iets dergelijks), dan is het handig om dat in het begin van de zitting even te melden.

“Moet ik me houden aan de rechtbanketiquette?”

Nee, je hoeft je nergens aan te houden, want er is geen officiële rechtbanketiquette. Als je de bovenstaande regels overtreedt, hoeft dat niet per se tot problemen te leiden.

Wel is het verstandig om je te houden aan de bovenstaande regels. Rechters zijn immers ook slechts mensen. Natuurlijk moeten ze onpartijdig zijn, maar zoals alle mensen, zullen ze eerder in iemands voordeel beslissen indien ze iemand sympathiek vinden dan wanneer ze iemand een onsympathieke hork vinden. Ondanks dat die beoordeling wellicht niet bewust gebeurt, gebeurt het zeker.

Dat gevoel wordt het gemakkelijkst opgewekt wanneer je laat blijken van normen, waarden en respect voor de rechter en voor de wederpartij. Dat maakt sowieso de gehele rechtszitting een stuk prettiger voor jezelf en voor de rest.

Vragen of iets acceptabel is? Stel ze hierbeneden!

Auteur

mr. B.G.N. (Bart) Gubbels
ondernemingsrecht, arbeidsrecht, contractenrecht


DISCLAIMER: De informatie op deze website is enkel bestemd voor algemene informatiedoeleinden. Hoewel de versterkte informatie met de grootst mogelijke zorgvuldigheid door onze juristen is samengesteld kunnen wij, o.a. vanwege de gecompliceerde en veranderlijke aard van wet- en regelgeving, niet garanderen dat deze informatie compleet, actueel, juist en/of accuraat is op het moment van raadpleging en dat deze toepasbaar is in een specifieke situatie. Wij raden u dan ook aan contact op te nemen met een jurist voordat u handelt of beslist. Wet & Recht, de maker en/of aan deze website gelieerde personen sluiten elke aansprakelijkheid voor de gevolgen van het gebruik van de informatie op deze site uit en kunnen niet aansprakelijk worden gesteld hiervoor. Zie ook onze uitgebreide disclaimer.